HET LANDBOUW-PROJECT IN TUMU
VEELZIJDIGE ONTWIKKELING IN NOORD-GHANA
Klik op de plaatjes ter vergroting
|
| Helemaal in het noorden van Ghana, vlak bij de grens met Burkina
Faso, ligt het stadje Tumu, het hart van een gebied dat het Sissala
District heet naar de meerderheid van de mensen die er wonen |
| Nu, meer dan een kwart eeuw later, is wat toen als een eenmansgebeuren
begon (door Br. Guido Wigman), een plannetje om de boeren te helpen
met putten en ploegen, uitgegroeid tot een flink project met zes
buitenmedewerkers en een winkel waar ploegen, onderdelen, allerlei
landbouwgereedschap en rubber laarzen worden verkocht. Gedurende
de helft van zijn bestaan is het project gesponsord door CEBEMO,
Bilance en Cordaid. |

Br. Guido Wigman
|
|

Hier is het allemaal begonnen ...
|
En het grootste succes van die negenentwintig jaar is de introductie
van de osseploeg geweest. Ploegen was een techniek die voordien
vrijwel onbekend was in het Sissala district. Nu is deze werkwijze
op de één of andere manier overgenomen door de overgrote meerderheid
van de boeren in de regio en dat heeft geweldige gevolgen gehad
voor het landbouwsysteem en de zekerheid van voedselvoorziening
in het district. |
| Maar dat is niet alles wat het project doet. In principe helpt
het project de lokale boeren en de bevolking in het algemeen met
een uitgebreid informatieprogramma over allerlei landbouwmethodes,
technieken, materialen en rassen die niet alleen de landbouw maar
ook de economische situatie van de mensen in het algemeen ten goede
kunnen komen. |
Ploegen m.b.v. een os
|
| De boeren krijgen milieuvoorlichting, en ze kunnen zelf uitproberen
hoe ze de vruchtbaarheid van hun grond het beste kunnen verbeteren,
of het planten van bomen op hun land goed zal uitpakken, hoe ze
sterker vee kunnen krijgen en er beter voor kunnen zorgen, en wat
er in het droge seizoen geplant kan worden om zelfs in die traditioneel
karige periode voedsel te produceren |
| Er zijn ook speciale projecten voor vrouwen. En tot slot, zoals
gezegd, is er de winkel waar ze alle landbouwgereedschap en werktuigen
en zaden kunnen kopen die ze nodig hebben. |
 |
 |
| Alfabetisering: lezen, schrijven, rekenen en meer ... |
Na hard werken het begeerde diploma ! |
 |
 |
| De winkel van het project |
Ploegen, klaar om te worden verkocht... |
| Als je praat over de vruchtbaarheid van de grond, moet je eerst
weten dat wat de Europese boeren al eeuwen doen, mest gebruiken
om de grond te voeden, een techniek is die in Noord-Ghana vrijwel
onbekend was. In de beboste gebieden is en was ‘hakken en branden'
de traditionele methode om een veld vrij te maken voor landbouw,
en de as levert wel wat meststoffen. |
| Maar nu experimenteren de boeren met mest, compost en kunstmest
om te kijken wat voor hun land het beste werkt. En er wordt hard
nagedacht over manieren om los te komen van de oude noodzaak om
land twintig jaar braak te laten liggen na een paar jaar intensief
bebouwen, om het bij te laten komen. |

Verkoop van hun producten ...
|
| Want met een groeiende bevolking en meer behoefte aan landbouwproducten
is goede landbouwgrond schaars aan het worden. |
|

Buiten-medewerker gereed voor vertrek naar een
van de dorpen
|
Het grootste deel van het werk wordt gedaan door de buitenmedewerkers:
zij gaan naar de boeren en de dorpen toe en spreken daar over hoe
iets gedaan kan worden, ze geven gevraagd en ongevraagd adviezen.
Ze stimuleren de mensen om nieuwe dingen te proberen en ze praten
daarna regelmatig over hoe het loopt en wat de nieuwe en de oude
ervaringen zijn. |
| In principe begint het project in ieder dorp met een gesprek met
het plaatselijke dorpshoofd en de dorpsoudsten, de dorpsraad. Daar
wordt uitleg gegeven over wat het project doet en wat het voor het
dorp en de dorpsmensen kan betekenen. |
| Dan is de volgende stap een algemene vergadering met iedereen
in het dorp die belangstelling heeft. De uitleg wordt opnieuw gegeven,
mensen stellen vragen, en de buitenmedewerker vraagt wie er bereid
is om iets nieuws te proberen. |

Bijeenkomst bij een van de molens
|
| Ieder jaar, of ieder tweede jaar, is er opnieuw een algemene
vergadering in het dorp om iedereen de kans te geven erbij te komen.
Op die manier is de hele gemeenschap bij het werk betrokken en de
ene boer moedigt de andere aan om ook mee te doen en zijn eigen
goede ervaringen ook te beleven. |
| De buitenmedewerkers runnen ook de vrouwenprojecten. In Noord-Ghana
kunnen vrouwen niet officieel eigenaar zijn van vee of andere boerderijdieren.
Dus nu de vrouwen zelf dingen gaan ondernemen moeten er ook manieren
gevonden worden om dat mogelijk te maken. Sommige vrouwen hebben
hun vee op naam van hun zoons staan, andere vrouwen beginnen kleine
projecten op een ander vlak. |

Ploegen met een ezel
|
|

een collectieve graanmolen
|
In één dorp werd een graanmolen opgezet die vooral door de vrouwen
wordt gebruikt om hun graan te laten malen.
In veel dorpen zijn alfabetiseringsprojecten opgezet, omdat op het
platteland pas de laatste tien, vijftien jaar scholen zijn gebouwd
en veel volwassen vrouwen niet kunnen lezen en schrijven. |
| Er zijn ook kleine projecten waar vrouwen stoffen verven voor
de verkoop, of cosmetica maken uit de vruchten en zaden die ze traditioneel
verzamelen voor huishoudelijke doelen, zoals de karité-pitten (sheanuts)
die van oudsher worden gebruikt om kookvet uit te winnen. De boom
die deze pitten levert wordt niet door de mannen geteeld, omdat
de oogst van de karité-pitten traditioneel op het terrein van de
vrouw ligt. |
| Natuurlijk is er naast het buitenwerk, het bezoek aan de dorpen,
ook een boel werk op en rond het projectkantoor. Het project heeft
een klein stuk land om experimentele gewassen te testen, er is de
winkel, de boeken moeten bijgehouden worden en de manager heeft
zijn kantoor |
|

Br. Alexis Beleire
|
De eerste projectmanager, als je hem zo kunt noemen, was broeder
Guido zaliger, die meestal alleen werkte. Later werd het project
geleid door broeder Alexis Beleire FIC, die de eerste echte manager
was, en die een jaar of vijf geleden naar Malawi is uitgezonden
om daar een soortgelijk project te helpen opzetten. |
| De huidige manager is broeder Hans van Wouwen FIC, die onder broeder
Alexis hoofd van de buitenmedewerkers was. |

De huidige manager in zijn kantoor
|
| Drie jaar geleden is het Tumu Agric. Project samengevoegd met
een soortgelijk project in de stad Funsi, wat verder naar het zuiden.
Samen zijn ze nu TUDRIDEP: Tumu Deanery Rural Integrated Development
Programme, onder de verantwoordelijkheid van het Bisdom Wa. |
|

Br. Hans (rechts)
|
Broeder Hans is degene die het meeste externe werk doet, het voorbereiden
van het jaarrapport voor de sponsors, het vinden van nieuwe sponsors
nu Cordaid zich aan het terugtrekken is, en hij geeft natuurlijk
ook nog leiding aan het projectdeel Tumu. Mr James Duma is verantwoordelijk
voor de gang van zaken in Funsi. Naast het leidinggeven aan Funsi
station beheert mr Duma ook een Cooperatieve Kredietunie en een
Ziektekostenverzekeringsplan (het Health Insurance Scheme). Dat
zijn twee juridisch separate projecten. |
| Samen hebben broeder Hans en mr Duma elf buitenmedewerkers, twee
winkels met ieder een winkelbeheerder, en vijf man/vrouw kantoorpersoneel.
En namens TUDRIDEP nemen ze regelmatig deel aan de vergaderingen
van ACDEP, een coordinatieplatform voor alle landbouw- en sociale
projecten die door kerkelijke organisaties in Noord-Ghana worden
gerund. |
 |
|
Viering van het 25-jarig bestaan
van het project, in tegenwoordigheid van de bisschop van Wa,
andere waardigheidsbekleders en vele andere geïntereerden
|
|

|
Gedeelte van de levendige markt in Tumu ...
|
|